uWebChat Documentatie

Doel

Een agent is een telefonist of medewerker die oproepen afhandelt. In het Voice Portal koppelt u een agent aan zijn/haar:

  • Telefonie-interface (Teams, SIP-toestel, extern nummer)
  • Telefoonnummer of extensie
  • Fallback-nummer (bijv. mobiele telefoon)
  • Microsoft 365-account (voor live presence)
  • Een of meer queues

Vereiste permissies: UWEBCHATVOICE.AGENTS.VIEW en .EDIT.

4.1 Overzicht

KolomBetekenis
AgentE-mailadres (UPN) van de agent
WeergavenaamNaam zoals getoond in het wallboard — standaard gelijk aan de UPN
Interface TypeMS Teams, Outbound, SIP, etc.
Number or ExtensionInkomend nummer of intern toestel
Is Always Availabletrue/false — als true, negeert Teams-presence en blijft altijd "available"
Ring In UseMag de agent gebeld worden tijdens een gesprek?
Fallback Phone NumberWordt gebeld als de primaire interface niet opneemt
Microsoft 365 UserUPN voor presence-koppeling

4.2 Agent aanmaken / bewerken

Klik op de groene "+"-knop of het potloodicoon bij een bestaande rij. U krijgt het scherm Agent bewerken te zien:

Agent bewerken

Velden:

  1. Agent e-mailadres (UPN) — het Microsoft 365 e-mailadres van de agent (naam@domein). Dit wordt gebruikt voor de Microsoft Graph-koppeling en de Teams presence-koppeling.
  2. Weergavenaam — optionele, puur cosmetische naam die in het wallboard wordt getoond. Heeft géén invloed op routering of presence. Zie §4.2.1.
  3. Interface Type — kies MS Teams als de oproep via Teams loopt; Outbound voor doorschakeling naar een extern nummer; SIP voor een fysiek toestel
  4. Is Always AvailableNo (default): volg Teams-presence; Yes: altijd routeerbaar
  5. Ring In UseYes: dubbel rinkelen toegestaan; No: alleen als idle
  6. Number or Extension — verplicht, numeriek
  7. Fallback Phone Number — optioneel; springt in bij geen-antwoord

4.2.1 Weergavenaam (Graph-koppeling)

Het agent-e-mailadres is de UPN (naam@domein) en wordt via de Microsoft Graph-koppeling opgehaald. Naast deze UPN kunt u sinds kort een aparte weergavenaam opgeven die in het wallboard wordt getoond — handig als u liever een herkenbare naam ziet dan het volledige e-mailadres.

  • Nieuwe agents — de weergavenaam staat standaard gelijk aan de UPN (naam@domein).
  • Bestaande agents — u kunt de weergavenaam achteraf aanpassen naar een eigen, leesbare naam.

De weergavenaam is puur visueel. Hij heeft geen invloed op de werking van uWebChat Voice — routering, presence en telefonie blijven volledig op de UPN gebaseerd.

4.3 Microsoft 365 koppelen

Met de knop CONNECT TO MICROSOFT 365 in de dialog koppelt u de agent aan zijn Microsoft 365-account. Dit doorloopt de Microsoft Graph OAuth-flow (delegated). Daarna haalt het portaal live Teams-presence op (Available/Busy/Away/Offline) en gebruikt dat als routeringsinformatie.

Per-agent koppeling vereist dat de tenant eerst tenant-breed gekoppeld is. De tenant-koppeling regelt u in Instellingen (§11) of via de OAuth-knop op de eerste agent.

4.4 Queues toewijzen

Queue-toewijzing gebeurt vanuit de agent-detailweergave. Selecteer één of meer queues — bij opslaan worden de wijzigingen direct doorgevoerd voor elke betroffen queue.

4.5 Bulk-acties

In de lijst kunt u meerdere agents selecteren en in één keer:

  • Always Available aan/uit zetten
  • Verwijderen (na bevestiging)

Valkuilen

  • Presence blijft "Unknown" — Microsoft Graph-koppeling ontbreekt of token is verlopen. Open de agent en klik opnieuw CONNECT TO MICROSOFT 365.
  • Agent krijgt geen oproepen — controleer (1) Is Always Available, (2) queue-lidmaatschap, (3) Ring In Use-instelling.
  • "Number already in use" — twee agents kunnen niet hetzelfde nummer hebben. Pas één van beide aan.